Het Coronavirus (COVID-19) dreigt uit te lopen op een crisis voor veel bedrijven, met name voor bedrijven met personeel. Een “goede” manier om met deze dreigende crisis om te gaan is om een werktijdverkorting voor het personeel aan te vragen. Er zijn al ruim 1700 aanvragen ingediend voor een werktijdenverkorting (normaliter 100/200 aanvragen per jaar), doch niet iedere aanvraag wordt goedgekeurd. In deze blog probeer ik de aanvraag kort nader toe te lichten en te informeren over de voorwaarden waaraan werkgever dient te voldoen.

Wat is de werkverkortingsregeling?

Normaal gesproken is het voor een werkgever verboden om de werktijd van het personeel te verkorten. De werktijdverkortingsregeling is in feite een ontheffing van het wettelijke verbod om werktijdverkorting toe te passen, met andere woorden: werkgever krijgt toestemming om de werktijden van het personeel te verkorten.

Onder welke omstandigheden kan een beroep worden gedaan op de werkverkortingsregeling?

Het verkorten van de werktijden kan uiteraard niet onder alle omstandigheden. Het Coronavirus is echter aangemerkt als een geldige reden voor werkgever om gebruik te maken van deze regeling. Deze regeling is namelijk bedoeld om gedwongen ontslagen te voorkomen vanwege verminderd werk door buitengewone omstandigheden. Buitengewone omstandigheden zijn omstandigheden van overmacht, zoals bijvoorbeeld een overstroming of een brand, maar nu ook het Coronavirus.

Hoe wordt een werktijdverkorting aangevraagd?

  1. Aanvraag indienen bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) door het invullen van een digitaal formulier op de website. Het ministerie beoordeelt de aanvraag en – als de werkgever voldoet aan de voorwaarden – dan ontvangt de werkgever een officiële ontheffing van het wettelijk verbod om werktijdverkorting toe te passen.
  2. Vergunning ontvangen? Dan dient werkgever melding te maken bij het UWV van ontvangst van de vergunning.
  3. Werktijdverkorting in de praktijk toepassen door het verminderen van de uren (rekening houdend met het maximum zoals omschreven in de vergunning).
  4. WW-uitkering aanvragen namens de werknemers bij het UWV. De werkgever dient eerst het volledige salaris te voldoen. Na afloop van de verkorting (uiterlijk in week 7 na ontvangst vergunning) geeft werkgever aan UWV door hoeveel uren de individuele medewerkers gewerkt hebben en kan de werkgever een WW-uitkering aanvragen voor de uren die niet gewerkt zijn.
  5. Uitbetaling van het UWV rechtstreeks aan werkgever.

Voorwaarden

Een werkgever zal aannemelijk moeten maken dat hij 1) als gevolg van het Coronavirus haar werknemers 2) ten minste 2 werkweken lang ten minste 20% minder zal of verwacht te zullen inzetten. Tegelijkertijd geldt dat in het geheel géén vergunning wordt verleend als het herstel van de bedrijvigheid naar verwachting 3) langer dan 24 weken zal duren.

De regeling geldt overigens niet voor uitzendkrachten, ingeleend personeel en zieke werknemers.

Gevolg van de vergunning

Een vergunning voor toepassing van de werktijdverkorting wordt verstrekt voor de duur van 6 weken. Verbetert de situatie binnen deze 6 weken? Dan dient werkgever de gebruikelijke uren te hervatten. Verbetert de situatie niet? Dan kan de werkgever een verlenging aanvragen.

Nogmaals, niet alle aanvragen worden goedgekeurd en een ontheffing (goedkeuring om de werktijden te verkorten) kan voor werkgevers een redmiddel zijn in deze bizarre omstandigheden, dus het is zeer van belang dat de aanvraagprocedure goed wordt aangepakt. Hopelijk heeft voorgaande artikel voor meer duidelijkheid gezorgd. Mocht u toch nog vragen over dit onderwerp hebben of mocht u hulp nodig hebben bij de aanvraag voor een vergunning voor toepassing van de Werktijdverkortingsregeling? Neem dan contact op via info@beckers-juridischadvies.nl  of 06 498 41 985.